Hoi,
Op deze feestdag (onze trouwdag; jaja, 47 jaar...) mag mijn verhaaltje niet ontbreken.
Gisteren kwamen we in Salt Lake city aan in druk verkeer en bloedhitte. We hadden gekozen voor de camping die het dichtst bij de stad lag; nou, dat is weer een KOA-camping; heeeel erg groot, en het is echt net een parkeerplaats vol met campers en caravans. En wat voor bakbeesten! Om 4 uur kwamen we aan; heet, heet, niet te beschrijven. Nou ja, wat doe je dan? je kan natuurlijk in de schaduw van een wiel (want veel meer was er niet) gaan liggen of zitten puffen en miepen, maar het beste is om maar gewoon te doen alsof de temperatuur normaal is. Er gaat een gratis shuttle busje (door de Mormonen) van camping naar het centrum en weer terug, ieder uur. Dus; dat deden we. En we kregen meteen een soort uitleg . Ze vragen waar je vandaan komt, en willen je graag alles vertellen en laten zien. Die taxidienst wordt vervuld door een echtpaar. Ze zitten dan ook samen in dat busje .
Onze chauffeur leverde ons af op het Temple Square. je denkt (dat dacht ik tenminste) dat dat een soort Kerkeplein zou zijn. In feite is het een ommuurd immens groot terrein, dat door de Mormonen is bebouwd met een aantal zeer curieuze gebouwen. Een kerk, zo groot als een kathedraal, 2 enorme informatiegebouwen, een Assembly Hall en het Tabernakel, waar 6000 mensen in konden zitten;( het schijnt nu nog " maar" 3500 te zijn , na een verbouwing). Het geheel ligt in een enorme bloementuin; echt te mooi om waar te zijn, en dat in dit klimaat! Met die bloemen alleen al zijn honderden vrijwilligers iedere ochtend bezig. Verder lopen er massa's " missionaries" rond, van die meisjes (ook jongens, maar minder) in vreselijke rokken en stijve bloesjes, met het boek der Mormonen in de hand, een naamplaatje met "sister so-and-so" erop en met een eeuwige glimlach op hun gezicht. Ze grijpen je meteen bij je lurven als je de poort binnenkomt en geven je een rondleiding, allervriendelijkst, en zeer toegewijd. Wij werden met z'n tweetjes door 2 meisjes bediend n.b.! Ze vertelden over de geschiedenis van Salt Lake City, hoe de Mormonen hier aankwamen in 1832, en hoe geweldig het is om te weten dat je het eeuwige leven hebt, samen met je familie. Wim stelde wel wat kritische vragen, maar daar raakten ze echt niet van ondersteboven; ze bleven glimlachen en zich gelukkig voelen.
Vandaag gingen we weer met het busje; weer zo'n behulpzaam echtpaar. Eerst naar het winkelcentrum. Wim wou nieuwe loopschoenen, en slaagde zowaar; die winkel was zo groot als ik nog nooit een sportzaak heb gezien! Verder liepen we een boekwinkel binnen en kochten allebei een nieuw boekje en ook kocht ik bij een T-mobile een nieuw mobieltje, voor 10 dollar, prepaid; ik kan met mijn eigen mobieltje wel sms-en maar niet bellen, ook niet binnen Amerika, en bovendien raakte m'n tegoed zo snel op (wat ik anders afklets, sms ik nu........)dat ik er van schrok. Ik kan het nl hier niet opladen. ik had dat dus verkeerd ingeschat.
Na de boodschappen bezochten we het Conferentiecentrum, ook Mormoons natuurlijk. Dat is een vrij nieuw gebouw, in 2000 ingewijd. En je gelooft het niet; er kunnen 21.000 mensen in. We hebben die zaal gezien, en waren onder de indruk. Ieder half jaar hebben ze een congres en dan is die ruimte een week lang iedere dag gevuld met mensen, die al die enge dingen geloven......
Onze gids was ook weer zo'n toegewijde, maar o zo aardige man. Hij begeleidde ons vervolgens naar het dakterras, waarop 4 acres (ik weet niet wat een acre precies is) tuin is aangelegd met een ingewikkeld irrigatiesysteem. Boven op het dak is een fontein, en het water stort zich vervolgens naar beneden , niet in het riool; nee, het wordt recycled. Er komt per minuut zo'n 6000 gallons( gallon is 3,7 liter)naar beneden............
Onze laatste tocht was naar het Genealogie-gebouw. Ik wist wel dat ze in Salt Lake City alles over onze voorouders weten, de voorouders van alle mensen op de wereld, maar dat je daar inderdaad de naam van je overgrootvader kunt opvragen en dan al zijn gegevens kunt lezen, verbaasde me wel. ik heb zelfs nog een microfilm bekeken (in 1950 in den Haag gekopieerd voor de Mormonen) uit Almelo's kerkboeken van 1750..........
We hebben nu wel een beetje genoeg van S.L.C., maar het heeft wel ieen idee gegeven van de macht, de wijdverspreidheid en ook de aantrekkingskracht op mensen van het Mormonendom. Maar ik kreeg op het laatst de kriebels..............
Toch gaan we morgen (als we zo vroeg opstaan) op weg nar onze volgende stopplaats nog een keer naar de stad, om in de Tabernakel naar het beroemde koor van de Mormonen te luisteren in een dienst. 300 man heeft dat koor................deze dienbst wordt iedere zondag gebroadcast.
We zijn trouwens op deze manier lekker door deze bloedhete dag heengekomen; in al die gebouwen is het koud, berekoud! Thuis heb ik Wim lekker laten werken; hij moest de sewer (afvalwater) nog dumpen (dat kan naast de camper, maar hadden we nog nooit gedaan; we rijden dus al een week met een steeds voller wordende afvaltank rond. We gebruikten het toilet alleen in Yellowst. en dan nog alleen nog voor de vloeibare stoffen, maar het betekent toch wel dat we onze urine een paar honderd mijl door dit prachtige land hebben gekard...........nou ja, ook het afwaswater hoor)en hij moest het water aanvullen. Ik? Nam lekker een duik in het zwembad om het Mormonendom van me af te spoelen...........
dag!
ELS
zaterdag 19 september 2009
Van Yellowstone naar Salt lake City
Twee dagen gereisd. Donderdagochtend 17 september in zuidelijke richting vertrokken naar het Grand Teton park. Je komt dan langs Old Faithful en ja, we zouden hem nog wel een keer willen zien. Gedaan. Weer spannend, weer een beetje teleurstellend.
Het Grand Teton park is genoemd naar de Tetons, een paar hoge, indrukwekkende, kale en volgens de Franse naamgevers borstige bergen. We wilden er een nacht doorbrengen, maar de beoogde camping was vol en de volgende waar hook-up-mogelijkheden waren lag 45 mijl zuidelijker. Op weg daarheen hadden we fantastische vergezichten met de Tetons als achtergrond en reden we door een schitterend landschap, wat de geplande wandelingen een beetje vergoedde.
De camping bij Jackson was redelijk. Voor Els was heel belangrijk dat ze kon douchen en een was (ik geloof zelfs een paar wassen) doen. Ze had er plezier in dat dat allemaal lukte, ook het drogen in een droger. Je kon in de buurt boottochten maken op een meer. Verder was het fijn voor ons, dat buurman Mike, die in Amsterdam bij de IBM gewerkt had, wist hoe ik onze WiFi aan de praat kon krijgen. In het Yelpark hadden we geen bereik, dus we hadden de blog de blog moeten laten. - Verder vonden we in hem (en zijn vrouw) medestanders in onze kritiek op ons voertuig. Niet werkende sluitingen van kastjes, het niet functioneren van de water-aansluiting, de ouderdom van onze voertuigen: vier jaar in plaats van de verwachte twee. De vrouwen waren het er over eens dat een snijplank voor groente en uien bij een standaarduitrusting had moeten behoren (ze hadden er beide nu zelf eentje gekocht), en dat er ook een koekepan had moeten zijn. Hier redt Els zich met een andere pan, mevrouw Mike had er een aangeschaft.
De tocht naar Salt Lake City de volgende dag ging door een eenzaam, indrukwekkend, soms ruig, soms wat gemoedelijker landschap. De 89, die we de hele dag volgden ging wel over een paar stoere klimmen. Dat is niet zo erg, gaf een Zwitsers gevoel, maar ik denk dan altijd wat met de motor mee, die al honderdtienduizend mijl (hard) heeft moeten werken. Een breakdown daar hoog in de bergen is niet iets waar je naar uitkijkt.
Over de bergtemperaturen' schreef Els al. Onze laatste campings lagen op zo'n 2000 meter, en met helder weer is het dan 's avonds, 's nachts en vroeg in de ochtend tamelijk koud; soms was de dump vanwege de nachtelijke vorst gesloten. We redden ons net met het dek(en)materiaal, maar het hield niet over.
Over boodschappen doen zullen we nog wel eens wat vertellen.
Wat in Amerika opvalt is dat dorpen of andere conglomeraties van mensen zich nooit collectief hebben hoeven te verdedigen: nooit zijn er stadsmuren of grachten, nooit een duidelijke afronding van een plaats. Die begint met een paar industrie-en of winkels, er zijn wat huizen en andere gebouwen, soms zijstraten, soms haast niet, en dat was dan het dorp of het stadje. Steden als in Europa zijn er niet. - Je weet dat, maar als je het in het echt ziet vind je dat het iets ongemakkelijks heeft.
We kwamen om een uur of vier vrijdag in SLC aan. De mormonen bleken een free shuttleservice te onderhouden tussen ons kampterrein en het centrum, en om tien over vijf busten we naar Salt Lake City. Gedurende ons eerste uur daar ontfermden zich een paar mormoonse 'sisters' over ons. Dat zijn vrijwilligsters uit allerlei landen die hier een soort dienstplicht vervullen en je door het centrum gidsen, dat wil zeggen over en door het 'Temple Square'. Verbazende gebouwen en instellingen zijn daar te zien. Daarover later meer.
Wim
Het Grand Teton park is genoemd naar de Tetons, een paar hoge, indrukwekkende, kale en volgens de Franse naamgevers borstige bergen. We wilden er een nacht doorbrengen, maar de beoogde camping was vol en de volgende waar hook-up-mogelijkheden waren lag 45 mijl zuidelijker. Op weg daarheen hadden we fantastische vergezichten met de Tetons als achtergrond en reden we door een schitterend landschap, wat de geplande wandelingen een beetje vergoedde.
De camping bij Jackson was redelijk. Voor Els was heel belangrijk dat ze kon douchen en een was (ik geloof zelfs een paar wassen) doen. Ze had er plezier in dat dat allemaal lukte, ook het drogen in een droger. Je kon in de buurt boottochten maken op een meer. Verder was het fijn voor ons, dat buurman Mike, die in Amsterdam bij de IBM gewerkt had, wist hoe ik onze WiFi aan de praat kon krijgen. In het Yelpark hadden we geen bereik, dus we hadden de blog de blog moeten laten. - Verder vonden we in hem (en zijn vrouw) medestanders in onze kritiek op ons voertuig. Niet werkende sluitingen van kastjes, het niet functioneren van de water-aansluiting, de ouderdom van onze voertuigen: vier jaar in plaats van de verwachte twee. De vrouwen waren het er over eens dat een snijplank voor groente en uien bij een standaarduitrusting had moeten behoren (ze hadden er beide nu zelf eentje gekocht), en dat er ook een koekepan had moeten zijn. Hier redt Els zich met een andere pan, mevrouw Mike had er een aangeschaft.
De tocht naar Salt Lake City de volgende dag ging door een eenzaam, indrukwekkend, soms ruig, soms wat gemoedelijker landschap. De 89, die we de hele dag volgden ging wel over een paar stoere klimmen. Dat is niet zo erg, gaf een Zwitsers gevoel, maar ik denk dan altijd wat met de motor mee, die al honderdtienduizend mijl (hard) heeft moeten werken. Een breakdown daar hoog in de bergen is niet iets waar je naar uitkijkt.
Over de bergtemperaturen' schreef Els al. Onze laatste campings lagen op zo'n 2000 meter, en met helder weer is het dan 's avonds, 's nachts en vroeg in de ochtend tamelijk koud; soms was de dump vanwege de nachtelijke vorst gesloten. We redden ons net met het dek(en)materiaal, maar het hield niet over.
Over boodschappen doen zullen we nog wel eens wat vertellen.
Wat in Amerika opvalt is dat dorpen of andere conglomeraties van mensen zich nooit collectief hebben hoeven te verdedigen: nooit zijn er stadsmuren of grachten, nooit een duidelijke afronding van een plaats. Die begint met een paar industrie-en of winkels, er zijn wat huizen en andere gebouwen, soms zijstraten, soms haast niet, en dat was dan het dorp of het stadje. Steden als in Europa zijn er niet. - Je weet dat, maar als je het in het echt ziet vind je dat het iets ongemakkelijks heeft.
We kwamen om een uur of vier vrijdag in SLC aan. De mormonen bleken een free shuttleservice te onderhouden tussen ons kampterrein en het centrum, en om tien over vijf busten we naar Salt Lake City. Gedurende ons eerste uur daar ontfermden zich een paar mormoonse 'sisters' over ons. Dat zijn vrijwilligsters uit allerlei landen die hier een soort dienstplicht vervullen en je door het centrum gidsen, dat wil zeggen over en door het 'Temple Square'. Verbazende gebouwen en instellingen zijn daar te zien. Daarover later meer.
Wim
Yellowstone (2)
Dit is het allereerste National Park, ingesteld in 1872. De toeristen komen voor de natuur, het wild (waaronder wolven en beren) en voor de geothermische verschijnselen. Maar alleen vanwege dat laatste punt is het een nationaal park geworden.
- We wachtten dus op de activiteiten van Grand, die ons geduld op de proef stelde, maar tenslotte rijkelijk beloonde: hoog, duidelijk en lang spoot hij, wel een minuut of zeven.
Goed, er is dus veel geothermisch (dat is de verzamelnaam in de boeken) werk te beleven, ik zal het niet allemaal beschrijven. Je kunt er vier categorie-en [ik weet niet hoe ik op dit computertje trema's moet maken] in onderscheiden, twee op basis van water: de geisers en de warme bronnen, en twee op basis van gassen: de fumarolen en de modderborrelaars. Fumarolen zijn gaten in de grond waaruit vies ruikend gas en stoom komt, modderbronnen zijn al of niet een beetje modder spuitende verschijnselen. Hoe ontstaat deze modder?
[Intermezzo. Al onze gids-achtige en talks-gevende rangers hebben een degelijke onderwijs-instructie gehad. Ze zeggen wie ze zijn, informeren waar het publiek vandaan komt (helemaal van Rhode Island? uit het buitenland?) en stellen stimulerende vragen. Wie heeft er ooit een beer gezien? (haha) Wie in dit park? Wie korter dan een week geleden? Waarom is dit park gesticht? Zegt het getal 45 je iets? (zo hard mag je maximaal rijden op de wegen in het park). En het getal 100? (Zover moet je van een beer vandaan blijven.) Enzovoort,]
De modder ontstaat doordat de aanwezige gassen als ze een bepaalde hoge temperatuur bereiken de rotsen aantasten, die dan degenereren tot een substantie die er als modder uitziet. De naar boven borrelende modder is dus altijd flink op temperatuur, je moet er geen hand in steken, als je al zo dichtbij zou kunnen komen.
- Wij deden mee aan een wandeling onder leiding van een ranger. Start om 11 uur bij de mud-vulcano. Om 11 uur nog geen ranger te zien, die bleek opgehouden door een kudde overstekende bisons en kwam na tien minuten. Het bleek een range-ster, een slanke jonge vrouw met een vriendelijk professioneel gezicht; het uniform stond haar wel. - We zouden een semi-strenuous wandeling maken door het gebied van de mud-vulcano. Waar was die? Niemand zag een vulkaan-achtig iets. Nee, maar toen deze plek ongeveer 1870 ontdekt werd spoot er een moddervulkaan 80 voet hoog. Twee jaar later was hij er niet meer, en de niet meer dan een meter hoge borrelaar wordt nog steeds zo genoemd. Klinkt ook wel goed, natuurlijk. - Ze begon bij de poel beneden, ondiepe plasjes water, te vragen hoe warm we dachten dat dit water was. Het zag er niet al te warm uit, er kwam geen stoom af, en ik gaf als mijn schatting 50 graden. Amerikanen zijn beleefd en vriendelijk, dus niemand nam een grinnikhouding aan, maar na een paar minuten begreep ik dat men hier in Fahrenheitgraden rekende, en dat ik dus gezegd had te denken dat het water 10 graden was. - De modder die we daarna zagen was 170 graden (hun schaal). Geiserwater bereikt soms een temperatuur van boven de 190, maar kookt nooit (althans niet boven de grond). De wandeling, weer over boardwalks, ging heuvelop door een weer duidelijk thermisch gebied. Langs warme meertjes en stomende gaten in de grond. Bijzonder is daar ook, dat een jaar of een poosje geleden een aantal van deze bezienswaardigheden een eindje verderop lag, of er nog helemaal niet was. Onzeker terrein dus.
Dit waren in het kort een paar dingen uit het park. We hebben aan het Yellowstonemeer, volgens ons boek een van de grootste bergmeren ter wereld, heel eenzaam onze boterhammen gegeten. We zagen de romantische Yellowstone-rivier, kwamen op onze wandelingen nooit beren maar wel bisons tegen, die je in principe niets doen, maar waar Els, die ook de Schotse runderen op de Veluwe niet graag tegenkomt, met een onwaarschijnlijk grote boog omheen liep. We zagen de Prismatic Spring, die haar fantasienaam met recht droeg, ook Daisy, een 'predictable' die onder een hoek van 70 graden spuit, we zagen meer dan we kunnen opschrijven en mogelijk ook meer dan leuk is om allemaal te lezen.
Ik zal nog wel iets zeggen over de wegen in het park, maar sluit nu in principe het Yellowstone-hoofdstuk af. We moeten naar onze shuttle die ons naar het centrum van Salt Lake City zal brengen.
Wim
- We wachtten dus op de activiteiten van Grand, die ons geduld op de proef stelde, maar tenslotte rijkelijk beloonde: hoog, duidelijk en lang spoot hij, wel een minuut of zeven.
Goed, er is dus veel geothermisch (dat is de verzamelnaam in de boeken) werk te beleven, ik zal het niet allemaal beschrijven. Je kunt er vier categorie-en [ik weet niet hoe ik op dit computertje trema's moet maken] in onderscheiden, twee op basis van water: de geisers en de warme bronnen, en twee op basis van gassen: de fumarolen en de modderborrelaars. Fumarolen zijn gaten in de grond waaruit vies ruikend gas en stoom komt, modderbronnen zijn al of niet een beetje modder spuitende verschijnselen. Hoe ontstaat deze modder?
[Intermezzo. Al onze gids-achtige en talks-gevende rangers hebben een degelijke onderwijs-instructie gehad. Ze zeggen wie ze zijn, informeren waar het publiek vandaan komt (helemaal van Rhode Island? uit het buitenland?) en stellen stimulerende vragen. Wie heeft er ooit een beer gezien? (haha) Wie in dit park? Wie korter dan een week geleden? Waarom is dit park gesticht? Zegt het getal 45 je iets? (zo hard mag je maximaal rijden op de wegen in het park). En het getal 100? (Zover moet je van een beer vandaan blijven.) Enzovoort,]
De modder ontstaat doordat de aanwezige gassen als ze een bepaalde hoge temperatuur bereiken de rotsen aantasten, die dan degenereren tot een substantie die er als modder uitziet. De naar boven borrelende modder is dus altijd flink op temperatuur, je moet er geen hand in steken, als je al zo dichtbij zou kunnen komen.
- Wij deden mee aan een wandeling onder leiding van een ranger. Start om 11 uur bij de mud-vulcano. Om 11 uur nog geen ranger te zien, die bleek opgehouden door een kudde overstekende bisons en kwam na tien minuten. Het bleek een range-ster, een slanke jonge vrouw met een vriendelijk professioneel gezicht; het uniform stond haar wel. - We zouden een semi-strenuous wandeling maken door het gebied van de mud-vulcano. Waar was die? Niemand zag een vulkaan-achtig iets. Nee, maar toen deze plek ongeveer 1870 ontdekt werd spoot er een moddervulkaan 80 voet hoog. Twee jaar later was hij er niet meer, en de niet meer dan een meter hoge borrelaar wordt nog steeds zo genoemd. Klinkt ook wel goed, natuurlijk. - Ze begon bij de poel beneden, ondiepe plasjes water, te vragen hoe warm we dachten dat dit water was. Het zag er niet al te warm uit, er kwam geen stoom af, en ik gaf als mijn schatting 50 graden. Amerikanen zijn beleefd en vriendelijk, dus niemand nam een grinnikhouding aan, maar na een paar minuten begreep ik dat men hier in Fahrenheitgraden rekende, en dat ik dus gezegd had te denken dat het water 10 graden was. - De modder die we daarna zagen was 170 graden (hun schaal). Geiserwater bereikt soms een temperatuur van boven de 190, maar kookt nooit (althans niet boven de grond). De wandeling, weer over boardwalks, ging heuvelop door een weer duidelijk thermisch gebied. Langs warme meertjes en stomende gaten in de grond. Bijzonder is daar ook, dat een jaar of een poosje geleden een aantal van deze bezienswaardigheden een eindje verderop lag, of er nog helemaal niet was. Onzeker terrein dus.
Dit waren in het kort een paar dingen uit het park. We hebben aan het Yellowstonemeer, volgens ons boek een van de grootste bergmeren ter wereld, heel eenzaam onze boterhammen gegeten. We zagen de romantische Yellowstone-rivier, kwamen op onze wandelingen nooit beren maar wel bisons tegen, die je in principe niets doen, maar waar Els, die ook de Schotse runderen op de Veluwe niet graag tegenkomt, met een onwaarschijnlijk grote boog omheen liep. We zagen de Prismatic Spring, die haar fantasienaam met recht droeg, ook Daisy, een 'predictable' die onder een hoek van 70 graden spuit, we zagen meer dan we kunnen opschrijven en mogelijk ook meer dan leuk is om allemaal te lezen.
Ik zal nog wel iets zeggen over de wegen in het park, maar sluit nu in principe het Yellowstone-hoofdstuk af. We moeten naar onze shuttle die ons naar het centrum van Salt Lake City zal brengen.
Wim
vrijdag 18 september 2009
Lieve allemaal; nu is het weer mijn beurt. Allereerst even een foto van Old Faithful, waar Herman om vraagt; Het is ongeveer een kwartier voor het spektakel begint en we zijn al een eindje naar boven geklommen naar het uitzichtspunt
. Wim heeft vast mooiere foto's, die komen wellicht morgen.
Ik merk dat je voor een meer gedegen verslag Wim's bijdragen moet lezen. Mijn verhaaltjes zijn meer snipsnap en ik denk dat deze verdeling de werkelijkheid van alledag ook aardig weergeeft .Het zal dan ook wel niemand verbazen.
De nachten in Yellowstone waren bere-koud; tegen het vriespunt. De eerste avond trouwens ben ik enigszins verdwaald na een toiletbezoek; we zouden elkaar treffen bij de vuilstort, maar ik was eerst gedesorienteerd uit het toiletgebouwtje gelopen, de verkeerde kant op, en wist absoluut niet waar ik Wim ooit weer zou zien. Tot overmaat van ramp begon het te regenen, en bliksemen, en weldra klonken er flinke donderklappen. Ik houd daar helemaal niet van, zeker niet in het donker en al helemaal niet in een donker bos. Ik vloog terug naar de RV (nog mooi dat ik die tenminster terugvond........) en wachtte vertwijfeld op Wim. Hij was mij natuurlijk ook kwijt, en begreep helemaal niet waar ik bleef enzenz. En, zoals je begrijpt, kwam het helemaal goed.
Er werd daar,en overal in Yellowstone, gewaarschuwd voor beren en ander wild. Het gevolg was dat ik 's nachts niet naar de w.c. durfde, en zodoende ons eigen toiletje maar eens in gebruik nam. ook prima! We hebben trouwens helemaal geen beren gezien. Wel elken (edelherten) en veel, heel veel bisons. (zie foto vorige blog) We werden niet meer koud of warm van een bisonkuddetje meer of minder. Als je in de auto zat, en er ontstond een lichte file en je zag veel auto's geparkeerd, dan kon je er van overtuigd zijn dat er " iets" te zien was! Allemaal mensen met camera's!
Twee avonden achter elkaar zijn we naar een " talk" van een ranger geweest. De eerste keer met lichtbeelden. De tweede keer (veel minder goed) was het alleen maar een verhaal over het park. Bij een kampvuur, dat trouwens die tweede avond niet wou branden; misschien dat ik het daarom ook zo veel minder leuk vond.
Kampvuren mag je stoken, in je eigen bbq. Gek eigenlijk dat dat mag in zo'n park als Yellowstone. Het wordt veelvuldig gedaan, en als je 's avonds naar het toiletgebouw liep, zag je overal kleine vuurjes, en drong de heerlijke kampvuurlucht je neus binnen.( gevolg is dat wij nu ook hout hebben gekocht tijdens ons winkeluur in de supermarkt.) Ik denk dat ik over een maand of wat nog wel eens heimwee zal hebben naar die sfeer!
Tot mijn snipsnapverslag behoort misschien ook nog de opmerking, dat de douches en toiletten overal, ook in rest-area's, superschoon zijn. En altijd zeep in het automaatje, en altijd handdoekjes beschikbaar. Dat vind ik wel erg prettig!
Gisteren dus naar Jackson gereden; jullie lezen er nog wel over. vandaag naar Salt Lake City, wat een prachtige, prachtige tocht was. En ik heb zo'n super-chauffeur, dat ik niet denk dat ik nog achter het stuur van deze vrachtwagen zal kruipen! Maar..........wie weet!
Vandaag een week geleden pikten we de RV op. Wat hebben we al veel beleefd en gezien! Het lijkt al weken en weken geleden dat ik de Gran Partita speelde (dat was vorige week zondag!) of dat ik mijn familie zag. Hoe zou Guillaume het maken in de vierde, en Willem Jan; komt hij nog aan striptekenen toe. Hoe gaat het met Floris' z'n gitaar, en ik mag dan van Anne af en toe een sms-je krijgen dat de nieuwe school " cool" is; ik vraag me ook af hoe het met de zangles gaatvan de gezusters. En Carlies, is je operatie geslaagd?
Enfin, ik leef een tijdje in een andere wereld, maar dat betekent niet dat je je losmaakt van je dagelijkse bestaan. En nu ga ik in deze wirwar van campers en caravans, een douche opzoeken, en naar bed. Morgen in Salt Lake City een nieuw boek kopen, want ik heb eindelijk het boek dat ik op Schiphol kocht, uit!
Liefs, ELS
Ik merk dat je voor een meer gedegen verslag Wim's bijdragen moet lezen. Mijn verhaaltjes zijn meer snipsnap en ik denk dat deze verdeling de werkelijkheid van alledag ook aardig weergeeft .Het zal dan ook wel niemand verbazen.
De nachten in Yellowstone waren bere-koud; tegen het vriespunt. De eerste avond trouwens ben ik enigszins verdwaald na een toiletbezoek; we zouden elkaar treffen bij de vuilstort, maar ik was eerst gedesorienteerd uit het toiletgebouwtje gelopen, de verkeerde kant op, en wist absoluut niet waar ik Wim ooit weer zou zien. Tot overmaat van ramp begon het te regenen, en bliksemen, en weldra klonken er flinke donderklappen. Ik houd daar helemaal niet van, zeker niet in het donker en al helemaal niet in een donker bos. Ik vloog terug naar de RV (nog mooi dat ik die tenminster terugvond........) en wachtte vertwijfeld op Wim. Hij was mij natuurlijk ook kwijt, en begreep helemaal niet waar ik bleef enzenz. En, zoals je begrijpt, kwam het helemaal goed.
Er werd daar,en overal in Yellowstone, gewaarschuwd voor beren en ander wild. Het gevolg was dat ik 's nachts niet naar de w.c. durfde, en zodoende ons eigen toiletje maar eens in gebruik nam. ook prima! We hebben trouwens helemaal geen beren gezien. Wel elken (edelherten) en veel, heel veel bisons. (zie foto vorige blog) We werden niet meer koud of warm van een bisonkuddetje meer of minder. Als je in de auto zat, en er ontstond een lichte file en je zag veel auto's geparkeerd, dan kon je er van overtuigd zijn dat er " iets" te zien was! Allemaal mensen met camera's!
Twee avonden achter elkaar zijn we naar een " talk" van een ranger geweest. De eerste keer met lichtbeelden. De tweede keer (veel minder goed) was het alleen maar een verhaal over het park. Bij een kampvuur, dat trouwens die tweede avond niet wou branden; misschien dat ik het daarom ook zo veel minder leuk vond.
Kampvuren mag je stoken, in je eigen bbq. Gek eigenlijk dat dat mag in zo'n park als Yellowstone. Het wordt veelvuldig gedaan, en als je 's avonds naar het toiletgebouw liep, zag je overal kleine vuurjes, en drong de heerlijke kampvuurlucht je neus binnen.( gevolg is dat wij nu ook hout hebben gekocht tijdens ons winkeluur in de supermarkt.) Ik denk dat ik over een maand of wat nog wel eens heimwee zal hebben naar die sfeer!
Tot mijn snipsnapverslag behoort misschien ook nog de opmerking, dat de douches en toiletten overal, ook in rest-area's, superschoon zijn. En altijd zeep in het automaatje, en altijd handdoekjes beschikbaar. Dat vind ik wel erg prettig!
Gisteren dus naar Jackson gereden; jullie lezen er nog wel over. vandaag naar Salt Lake City, wat een prachtige, prachtige tocht was. En ik heb zo'n super-chauffeur, dat ik niet denk dat ik nog achter het stuur van deze vrachtwagen zal kruipen! Maar..........wie weet!
Vandaag een week geleden pikten we de RV op. Wat hebben we al veel beleefd en gezien! Het lijkt al weken en weken geleden dat ik de Gran Partita speelde (dat was vorige week zondag!) of dat ik mijn familie zag. Hoe zou Guillaume het maken in de vierde, en Willem Jan; komt hij nog aan striptekenen toe. Hoe gaat het met Floris' z'n gitaar, en ik mag dan van Anne af en toe een sms-je krijgen dat de nieuwe school " cool" is; ik vraag me ook af hoe het met de zangles gaatvan de gezusters. En Carlies, is je operatie geslaagd?
Enfin, ik leef een tijdje in een andere wereld, maar dat betekent niet dat je je losmaakt van je dagelijkse bestaan. En nu ga ik in deze wirwar van campers en caravans, een douche opzoeken, en naar bed. Morgen in Salt Lake City een nieuw boek kopen, want ik heb eindelijk het boek dat ik op Schiphol kocht, uit!
Liefs, ELS
Yellowstone National Park (1)
Onze camping, Madison, waar we van de 14de 's avonds tot de de ochtend van de 17de bivakkeerden, lag 16 mijl van Old Faithful. We wilden er de eerste ochtend (15/9) vroeg zijn, vanwege de altijd grote drukte overdag. De parkeerterreinen leken in uitgestrektheid een beetje op die voor Fatima-bezoekers in Portugal: onze RV verdween in de ruimte. In het visitorcenter waren vriendelijke rangers (ge-uniformeerde allesdoeners van het park, er zijn er 180 en ze moeten op het terrein wonen) die aanwezen welke geisers tot de categorie 'predictable' behoorden - zes stuks waaronder Old Faithful. Van die zes spuit Old Faithful het meest frequent en ook het regelmatigst: eens per ongeveer anderhalf uur, met een 'window' van 20 minuten, dat wil zeggen van tien minuten voor het uitgerekende tijdstip tot tien minuten erna. Om 10.16 zou hij spuiten. We gingen niet op een van de toeschouwersbanken zitten die op een afstand van ongeveer 80 meter plaats bieden aan enkele honderden toeristen, maar wandelden het uitgestrekte terrein op. Beter gezegd de 'boardwalks' op, want de grond is te onzeker om er op te stappen. Mag ook niet, en je doet het ook niet, want er borrelt en stoomt een puft van alles om je heen. De grond dampt op veel plaatsen en hier en daar spuiten kleine geisertjes. We bekeken de eruptie van Old Faithful dus van achteren - hij was bijna tien minuten te laat. Het spuiten was minder spectaculair dan we gedacht hadden: je zag het water eigenlijk nauwelijks, wel de stoom die er af kwam. Maar het was heel bevredigend hem aan het werk gezien te hebben. In mijn indianenboeken deed hij het nog om de 53 minuten, en heel precies. Dat is dus wat slordiger en langzamer geworden, maar hij doet het nog, en wij waren daar getuige van.
Van de andere predictables zagen we dat om 11.45 'Grand' zou spuiten. Die is groter en hoger dan O.F., maar doet het slechts eens in de ongeveer acht uur, met een window van twee klokuren. We waren min of meer toevallig al wandelend (op de uitgestrekte boardwalks) om een uur of twaalf in zijn buurt en zagen een 50-tal mensen wachten. Er waren ook hier bankjes, en we besloten al wachtend onze lunchboterhammen te nemen, het kon maximaal nog drie kwartier duren. Naast ons zat een echtpaar dat uit Velp bleek te komen, een paar lanen van ons vandaan. De man bracht soms neighbourhoodwatchberichten rond en kende ons 'hofje' aan de Evertsenlaan. 'Daar in het laatste huis rechts speelt iemand fagot' merkte hij op. - Je begrijpt dat we dit een verrassende ontmoeting vonden.
(Het is nu overigens vrijdagavond 18/9, en we kamperen in de stad van de mormonen, waarover later meer.).
Ik geef de computer aan Els, en zet het Yellowstoneverhaal morgen voort.)
Wim
Van de andere predictables zagen we dat om 11.45 'Grand' zou spuiten. Die is groter en hoger dan O.F., maar doet het slechts eens in de ongeveer acht uur, met een window van twee klokuren. We waren min of meer toevallig al wandelend (op de uitgestrekte boardwalks) om een uur of twaalf in zijn buurt en zagen een 50-tal mensen wachten. Er waren ook hier bankjes, en we besloten al wachtend onze lunchboterhammen te nemen, het kon maximaal nog drie kwartier duren. Naast ons zat een echtpaar dat uit Velp bleek te komen, een paar lanen van ons vandaan. De man bracht soms neighbourhoodwatchberichten rond en kende ons 'hofje' aan de Evertsenlaan. 'Daar in het laatste huis rechts speelt iemand fagot' merkte hij op. - Je begrijpt dat we dit een verrassende ontmoeting vonden.
(Het is nu overigens vrijdagavond 18/9, en we kamperen in de stad van de mormonen, waarover later meer.).
Ik geef de computer aan Els, en zet het Yellowstoneverhaal morgen voort.)
Wim
Wijzigingen en aanvullingen
(vrijdagochtend voor afreis)
Gisteren heb ik een beetje voor de vuist weg iets gezegd over zoetwaterbakken. De vijf grote meren in dit land zijn natuurlijk veel groter, maar op eentje na voor de helft van Canada. En dat Baikalmeer, nou ja, dat is zo bijzonder dat ik er ook graag eens heen zou willen, in de camper vanuit Irkoetsk bijvoorbeeld.
Over onze (toeristische) gevoelens bij wat we allemaal vanuit onze hoge zetels zagen zei ik nog weinig. Als je door die eindeloze landschappen reist krijg je een beter gevoel voor proporties en de onafwendbaarheid van klimatologische verschijnselen. Die woeste vlakten zijn er gewoon omdat ze niet anders kunnen, er valt daar nu eenmaal geen regen omdat bergen in de buurt steeds al het vocht uit de lucht halen. Je weet dat wel, maar als je er doorheen rijdt dringt het beter tot je door.
We moeten weg. Berichten over Yellowstone, waar we geen bereik hadden en drie dagen ge-indrukwekt rondkeken hopen we binnenkort iets te schrijven.
Tot dan, Wim
Gisteren heb ik een beetje voor de vuist weg iets gezegd over zoetwaterbakken. De vijf grote meren in dit land zijn natuurlijk veel groter, maar op eentje na voor de helft van Canada. En dat Baikalmeer, nou ja, dat is zo bijzonder dat ik er ook graag eens heen zou willen, in de camper vanuit Irkoetsk bijvoorbeeld.
Over onze (toeristische) gevoelens bij wat we allemaal vanuit onze hoge zetels zagen zei ik nog weinig. Als je door die eindeloze landschappen reist krijg je een beter gevoel voor proporties en de onafwendbaarheid van klimatologische verschijnselen. Die woeste vlakten zijn er gewoon omdat ze niet anders kunnen, er valt daar nu eenmaal geen regen omdat bergen in de buurt steeds al het vocht uit de lucht halen. Je weet dat wel, maar als je er doorheen rijdt dringt het beter tot je door.
We moeten weg. Berichten over Yellowstone, waar we geen bereik hadden en drie dagen ge-indrukwekt rondkeken hopen we binnenkort iets te schrijven.
Tot dan, Wim
vrijdag 18 september 2009
7 uur 's ochtends. Gauw even naar de reacties gekeken. Leuk allemaal! Hartelijke dank. Ik heb aan je gedacht, Hans, de 16e. Lieve lezers, wisten jullie dat mijn grote broer een boek heeft geschreven??? Het heet " Varend in verrassend Nederland", en het is de 16e officieel gelanceerd.
We zijn van plan vandaag naar Salt Lake City te gaan. Direct na het ontbijt. Eerst even alles wegstouwen. Ik heb gisteren hier voor het eerst van mijn leven een wasdroger gebruikt. Alles is nu weer schoon en droog.
En, hoe heet het ook was gisteren, het was vannacht berekoud. e hebben zelfs even de verwarming aangezet. luxe, dat dat kan, want in Yellowstone (maar daarover later vast nog wel) kon dat niet (want daar hadden we noch electra, noch water), en daar vroor het 's nachts!!!
Herman, wat foto's betreft, kunnen we naar believen uploaden? Ik zal het in elk geval proberen (want ik weet helemaal niet hoe het moet, maar ik heb mijn foto's wel op de laptop staan nu, Wim nog niet) er eentje te sturen. Hier gaat-ie. Dan tanden poetsen, alles verwijderen wat maar enigszins los ligt hier, en dan: Mormonenwaarts!
Liefs allemaal,
ELS (en het zijn er dus twee geworden!)
Abonneren op:
Posts (Atom)